• Vanaf 1juli 2004 kan u de as of een gedeelte van de as van familieleden in de eerste graad mee naar huis nemen. Voor alle duidelijkheid, het gaat om de as van uw kinderen, ouders, echtgeno(o)t( e) ,adoptieve kinderen en adoptieouders van de overledene.
    Hiervoor dient u een modelverklaring in te vullen.(gemeentehuis)

  • Men zou denken dat een crematie goedkoper is dan een traditionele begrafenis .Inderdaad een crematie op zich is niet zo duur.
    Maar er komt wel meer bij kijken: meer papierwerk,crematorium, as urne,bijzetting of begraving met eventuele concessie, eventueel klein zerk,extra vervoer naar Brugge enz….

  • U bent volledig vrij bij het kiezen van een begrafenisondernemer. Geen wet zegt dat u de begrafenisondernemer van uw gemeente dient te contacteren. De keuze van begrafenisondernemer staat volledig vrij.

    Regio's/ gemeenten:

    Langemark - Poelkapelle - Bikschote - Madonna - Sint-Juliaan - Boezinge - Sint-Jan - Brielen - Ieper - Vlamertinge - Elverdinge - Lo-Reninge - Renige - Oostvleteren - Vleteren - Westvleteren - Woesten - Dikkebus - Reningelst - Mesen - Zillebeke - Staden - Westrozebeke - Vijfwegen - Houthulst - Merkem - Jonkershove

  • Neen, wanneer iemand overleden is,waarschuwt u eerst uw huisarts, die de dood zal vaststellen na de vaststelling van de dood kunt u contact opnemen met uw begrafenisondernemer:dat hoeft niet onmiddellijk.
    Sommige mensen wachten liever tot alle familieleden aangekomen zijn zodat ze in alle rust afscheid kunnen nemen. Het is ook niet zo dat de overledene onmiddellijk verzorgd moet worden omdat het anders niet meer mogelijk zou zijn.

  • Ja, hier speelt enkel de soepelheid van de uitvaartverzorger een rol,indien u zo uw verlies beter kan verwerken , moet u dat gewoon melden.

  • Elke gemeente heeft een ander reglement zo kan het best dat de ene gemeente dit niet toelaat en in de andere gemeente het wel kan, meestal moet dit worden voorzien bij diegene die het eerst komt te overlijden.

  • De begrafenis of crematie heeft plaats meer dan 24uur doch meestal de 7de dag na het overlijden wettelijke feestdagen worden niet meegeteld voor het berekenen van de genoemde termijn van 7 dagen.

  • Best niet, als de wagen behouden blijft kan u best zo vlug mogelijk de verzekeringsagent verwittigen . Deze zal de nummerplaat en de verzekeringsdocumenten in orde stellen.

  • Dit is niet verplicht. Het is wel aangewezen bij een aangifte met onroerende goederen dit wel te doen.

  • Bij melding van het overlijden worden de bankrekeningen en spaarboeken van de overledene en de gezamelijke rekeningen van de echtgenoten onmiddellijk geblokkeerd. Om die gelden vrij te maken is een erfrechtverklaring of een akte van bekendheid(=bewijs dat bepaalde personen de enige erfgenamen zijn)nodig.
    Als het om een bedrag kleiner dan €750 gaat geeft u een erfrechtverklaring nodig deze kunt u verkrijgen bij het gemeentebestuur van de woonplaats van de overledene op voorlegging van een uittreksel uit de overlijdensakte en van het trouwboekje van de overledene (voor ongehuwde is dat het trouwboekje van de ouders)
    Als het om bedragen gaat groter dan €750 , vraagt dan eerst aan uw bank welk attest u nodig heeft :
    - Een akte van erfopvolging, opgemaakt door de notaris.
    - Een attest van erfopvolging,afgeleverd door de ontvanger van een registratiekantoor.
    - Een akte van bekendheid, opgemaakt door de vrederechter.

  • Het ziekenfonds waarvan de overledene lid was, moet op de hoogte gebracht worden.

  • Was de overledene tewerkgesteld, verwittig dan zijn werkgever.dan moet ook de Rijksdienst voor Jaarlijks Vakantie of het vakantiefonds van de werkgever worden ingelicht.
    Had de overledene 1 van de onderstaande vervangingsinkomens ,dan moet u de betreffende dienst verwittigen.
    Meestal is een rouwbrief of een overlijdensakte voldoende .
    Was de overledene werkzaam als zelfstandige, dan mogen de nabestaanden niet vergeten de dienst belastingen, de BTW-administratie en de handelsrechtbank op de hoogte te brengen.

  • Indien de overleden een Belgisch ouderdomspensioen of overlevingspensioen had, verwittigd de dienst bevolking automatisch de rijksdienst voor pensioenen.
    Indien de overledene een buitenlands pensioen genoot, dient men door middel van een internationale overlijdensattest de instantie waarvan hij/zij uitbetaald werd op de hoogte te brengen .

  • Ingeval van overlijden heeft de overlevende echtgeno(o)t( e) recht op een overlevingspensioen vanaf 45 jaar of als er kinderen ten laste zijn. Werkt de overlevende echtgeno(o)t( e), dan wordt het overlevingspensioen in verhouding verminderd, of kan het volledig wegvallen.
    Voor het aanvragen van het pensioen kunt u best contact opnemen met de dienst Bevolking van uw gemeente.

  • Bij de mutualiteit van de overledene.
    Tegemoetkoming aan gehandicapten,arbeidsongevallenuitkering,vergoeding wegens beroepziekten,bestaan minimum (ocmw),werkloosuitkering.
    Ingeval de overledene niet gesyndiceerd was:hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen.
    Ingeval de overledene wel gesyndiceerd was:De vakbond van de overledene.

  • Het vroegere ‘eeuwigdurende' bestaat niet meer.
    Op de meeste gemeenten of steden worden de niet vergunde graven langer bewaard dan de 5 jaar die wet bepaalt . Maar over het algemeen wordt er meestal met een grond- en grafconcessies gewerkt dit gaat meestal van 30 en 50 jaar. Hangt af van gemeente tot gemeente en hun regel mentering.

  • Normaal wordt de overledene begraven op de begraafplaats van de gemeente of het district waar hij woont of in de gemeente van overlijden. Het is wel mogelijk een concessie te nemen in een andere gemeente, maar dan kan een hoger tarief aangerekend worden of moet de overledene een aantal jaren in die gemeente gewoond hebben. Dit is bij iedere gemeente anders en is meestal vastgelegd bij gemeentewet.

  • Bij het overlijden van een echtgeno(o)te), kind, ouder, schoonouder, hebt u recht op 3 dagen verlof inclusief de dag van de begrafenis. Stadsambtenaren en gelijk gestelden hebben recht op 4 dagen.

  • De bank en/of het postkantoor waar de overledene een rekening had.
    De verzekeringsmaatschappij. Ook aan de verzekeringsmaatschappij moet u een kopie bezorgen van de overlijdensakte. Controleer met uw makelaar alle verzekeringen die de overledene had afgesloten: levensverzekering, autoverzekering, brandpolis...
    Nutsbedrijven. Gas, water, elektriciteit, telefoon, kabelmaatschappij, dienst kijk- en luistergeld.
    De Verhuurder.
    Kinderbijslagfonds.

  • Dat wordt bepaald door de wet. In principe zijn alle afstammelingen, kinderen, kleinkinderen, achterkleinkinderen de erfgenamen. Heeft de overledene geen kinderen, dan zijn de broers en zusters, de erfgenamen. Zijn er geen broers of zusters, dan gaat de erfenis naar de verwanten in opgaande lijn: de ouders, de grootouders.
    In de laatste plaats komen de nonkels en de tantes en hun nakomelingen aan de beurt.

    De echtgeno(o)t(e), is geen bloedverwant en zal dus in principe niet erven. Hij/zij heeft een speciale plaats in het erfrecht.
    Had de overledene kinderen, dan krijgt de weduwe / weduwnaar het vruchtgebruik van de nalatenschap, de kinderen krijgen wat in de wet 'de blote eigendom' heet. De overlevende echtgeno(o)t( e) mag dus van de nalatenschap gebruik maken zolang hij / zij leeft. Hij /zij kan de nalatenschap echter niet verkopen zonder toestemming van de erfgenamen.

    Dat geldt ook voor de woning en de huisraad. Een weduwe / weduwnaar zal dus altijd in de gezinswoning mogen blijven wonen en de huisraad gebruiken, ongeacht wie de erfgenamen zijn.
    Had de overledene geen kinderen, dan erft de overlevende de hele nalatenschap van de gemeenschap in volle eigendom. Had de overledene eigen goederen, dan krijgt de weduwe / weduwnaar daar het vruchtgebruik van zolang hij / zij leeft en gaat de volle eigendom naar de bloedverwanten van de overledene.

    Bestaat de nalatenschap uit schulden, dan kunnen de erfgenamen ze verwerpen. Weten de erfgenamen niet zeker of er schulden zijn, dan kunnen ze de nalatenschap aanvaarden onder voorrecht van boedelbeschrijving. Zijn er schulden, dan moeten zij nooit meer betalen dan wat de nalatenschap opbrengt.
    Het verwerpen of aanvaarden van een nalatenschap onder voorrecht van boedelbeschrijving gebeurt op de griffie van de rechtbank van eerste aanleg.

    De aangifte van de nalatenschap moet bij het kantoor van Registratie en Domeinen van de woonplaats worden ingediend binnen de vijf maanden na het overlijden. Ook de notaris kan dat voor de nabestaanden regelen.

  • Was de overledene tewerkgesteld, verwittig dan zijn werkgever. dan moet ook de Rijksdienst voor Jaarlijks Vakantie of het vakantiefonds van de werkgever worden ingelicht.
    Had de overledene een vervangingsinkomen ,dan moet u de betreffende dienst verwittigen.
    Meestal is een rouwbrief of een overlijdensakte voldoende .
    Was de overledene werkzaam als zelfstandige, dan mogen de nabestaanden niet vergeten de dienst belastingen, de BTW -administratie en de handelsrechtbank op de hoogte te brengen.

site by sertocom